|
|
Uittreksel BOA leerstof (buitengewoon opsporingsambtenaar). Om een volledig PDF bestand te downloaden: >> Klik hier << Algemeen De procedure in strafzaken kent de volgende fasen: voorbereidend onderzoek, onderzoek ter terechtzitting, beslissing van de rechter, toepassing van rechtsmiddelen en tenuitvoerlegging van het vonnis. Una-via-beginsel: Voor eenzelfde gedraging kan niet zowel een bestuurlijke boete als een strafrechtelijke sanctie worden opgelegd. Absolute competentie: Regelt de soort rechterlijke instantie die bepaalde strafbare feiten zal behandelen. Ambtsmisdrijven of ambtsovertredingen van ministers e.d. worden in eerste aanleg door de HR behandeld. Deze competentie is geregeld in de Wet op de rechterlijke organisatie. Relatieve competentie: Regelt de aanwijzing voor welk bepaald gerecht iemand verantwoording moet afleggen. (Bijv. Welke van de rechtbanken). Deze competentie staat o.a. in het Wetboek van Strafvordering. Het College van procureurs-generaal (5 x) bepaalt het landelijke opsporings- en vervolgingsbeleid van het openbaar ministerie. Vormt samen met de staf het Parket-Generaal. Dit is het landelijk hoofdkantoor van het openbaar ministerie. Opportuniteitsbeginsel: Dit houdt in dat het openbaar ministerie op gronden aan het algemeen belang ontleend, van vervolging kan afzien. Op grond van dit beginsel heeft het openbaar ministerie de bevoegdheid om een zaak te seponeren zolang het onderzoek ter terechtzitting nog niet is aangevangen. Een belanghebbende kan daarover beklag indienen bij het gerechtshof. De hoofdtaak van het openbaar ministerie (de staande magistratuur): => opsporing van strafbare feiten; => vervolging van strafbare feiten; => het doen uitvoeren van strafvonnissen. Rechtbanken >> Openbaar ministerie >> OvJ Gerechtshoven >> Openbaar ministerie >> P.G. of A.G De Hoge Raad der Nederlanden >> Openbaar ministerie >> P.G. en A.G. Naar boven Revisie: Revisie is herziening van een rechterlijke uitspraak (bijv: als na veroordeling van een verdachte er omstandigheden aan het licht komen waaruit blijkt dat de veroordeelde nooit de dader van het strafbare feit kan zijn geweest). De Hoge Raad is hier mee belast. De Wet op de rechterlijke organisatie regelt de inrichting, samenstelling en de bevoegdheden van de gerechten. De basis voor een deugdelijke rechtspraak is de grondwet. Het onderzoek ter terechtzitting wordt beschouwd als het belangrijkste onderdeel van de strafprocedure en wordt geleid door de voorzitter van het betreffende gerecht. Vrijspraak: Als aan de hand van de wettige bewijsmiddelen niet kan worden bewezen dat de verdachte het feit dat hem tenlaste werd gelegd heeft gepleegd. Dit betekent niet dat hij het feit niet zou hebben gepleegd, maar alleen dat e.e.a. niet te bewijzen is. Ontslag van rechtsvervolging: Het tenlaste gelegde feit is wel bewezen maar blijkt geen strafbaar feit te zijn. Als de verdachte zich beroept op een strafuitsluitingsgrond, zoals overmacht, noodweer of een gebrekkige ontwikkeling van zijn geestesvermogens kan hij ook worden ontslagen van rechtsvervolging. Verstek, verzet en hoger beroep: Als de verdachte of het openbaar ministerie het niet eens zijn met de uitspraak dan kunnen ze hiertegen hoger beroep instellen. Hierna wordt de zaak opnieuw behandeld door een hoger rechtscollege. In het Nederlands procesrecht staat altijd maar één rechtsmiddel open. Naar boven Handhaving van de openbare orde en de hulpverlenende taak: Het gezag is achtereenvolgens in handen van de burgemeester, de commissaris van de Koning en de minister van binnenlandse zaken. Strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde: Het gezag is achtereenvolgens in handen van de officier van justitie, het college van procureurs-generaal en de minister van justitie. De rechtsorde bestaat uit twee onderdelen:
De politie bestaat uit: 25 regionale
politiekorpsen, 1 Korps landelijke politiediensten en bijzondere
ambtenaren van politie.
Ambtelijke huisvredebreuk en diens ondanks binnentreden: Diens ondanks binnentreden heeft de betekenis van binnentreden zonder toestemming van de rechthebbende. Het heeft dezelfde betekenis als ambtelijke huisvredebreuk. Ambtelijke huisvredebreuk is een ambtsmisdrijf. Het kan alleen door een ambtenaar gepleegd worden. Strafrecht Het strafrecht wordt onderscheiden in het zogenaamde materiele strafrecht en het formele strafrecht. Het materiele strafrecht regelt zaken als strafbaarheid van de handeling, wie strafbaar is, welke straf daarop staat, welke omstandigheden de strafmaat beinvloeden e.d. Het Wetboek van Strafrecht neemt een centrale plaats in. Het formele strafrecht gaat over procedures die gevolgd moeten worden als iemand een misdrijf of een overtreding heeft begaan. Het formele strafrecht wordt ook wel procesrecht of strafvordering genoemd. Het Wetboek van Strafvordering neemt een centrale plaats in. Naar boven Materiele strafrecht Het Wetboek van Strafrecht is ingedeeld in drie delen deze delen worden boeken genoemd t.w.: Boek 1: Algemene Bepalingen Boek 2: Misdrijven (rechtsdelicten >> altijd opzet vereist) Boek 3: Overtredingen (wetsdelicten) Strafverzwaring en strafvermindering:
Legaliteitsbeginsel
Bij ambtshalve vervolgbare delicten kan het openbaar ministerie zelfstandig ingrijpen als een persoon een strafbaar feit pleegt, desnoods tegen de wil van de benadeelde. Bij op klachte vervolgbare delicten kan een opsporingsonderzoek zonder een klacht in principe niet worden ingesteld. Absolute en relatieve klachtdelicten Er is een aantal misdrijven, waarbij met een aangifte niet kan worden volstaan, maar ten aanzien van welke een klacht moet worden ingediend. Zonder deze klacht kan geen opsporingsonderzoek worden ingesteld. Een klacht is een aangifte met het verzoek tot vervolging. Bij absolute klachten delicten is de klacht altijd nodig (bijvoorbeeld eenvoudige belediging). Bij relatieve klachtendelicten is in de regel geen klacht vereist. Deze zal alleen nodig zijn als er tussen de dader of de medeplichtige en de benadeelde een bepaalde graad van verwantschap bestaat. Een valse aangifte of klacht is strafbaar. Een valse aangifte of klacht van een niet-strafbaar feit is niet strafbaar. Tot het ontvangen van een klacht is elke Officier en elke hulpofficier van justitie bevoegd en verplicht. Een klacht kan tot 8 dagen na haar indiening worden ingetrokken. Een aangifte kun je niet intrekken. Schuld Onder het juridische begrip schuld in ruime zin vallen zowel opzet* (opzetmisdrijven) als schuld in enge zin*. Opzettelijk wil zeggen dat de verdachte het strafbare feit willens en wetens moet hebben gepleegd. Bij schuld in enge zin is er sprake van schuld ten gevolge van een handeling of een verzuim waardoor iets volgt dat diegene niet heeft gewild (ongewilde gevolgen). Naar boven *Opzet --> Opzet als oogmerk --> Opzet als zekerheidsbewustzijn --> Opzet als mogelijkheidsbewustzijn *Schuld in enge zin --> Bewuste schuld --> Onbewuste schuld Bij overtredingen hoeft de schuldvraag niet te worden gesteld. Schuld wordt aangenomen tot het tegendeel aannemelijk is. Poging Een poging tot een misdrijf is strafbaar, een poging tot een overtreding is in principe niet strafbaar. In bijzondere wetten kan de wetgever dit wel strafbaar stellen (vissen zonder vergunning, vogels vangen). Vrijwillige terugtrekking van de dader brengt straffeloosheid met zich mee. Om strafbaar te zijn voor een poging tot misdrijf moet de dader een uitvoeringshandeling hebben verricht. Het treffen van voorbereidingen tot het begaan van een misdrijf is alleen strafbaar als het gaat om een misdrijf waar meer dan 8 jaar gevangenisstraf op is gesteld. Een deelnemer aan een strafbaar feit kan strafbaar zijn in de hoedanigheid van dader* of medeplichtige*. *Daders Vier groepen personen kunnen als dader worden gestraft: --> plegers (pleegt het strafbare feit helemaal alleen) --> doen plegers (er zijn hier twee daders de intellectuele dader, hij is op het idee gekomen, en de materiele dader, hij voert het feit uit. Kenmerk van het doen plegen is dat van deze twee daders er slechts een strafbaar mag zijn, namelijk de intellectuele dader. De materiele dader moet gehandeld hebben zonder opzet of schuld.) --> medeplegers (er zijn hier twee daders die beiden strafbaar zijn. In bewuste samenwerking met anderen het mede uitvoeren van een strafbaar feit. Het is a.h.w. een optelsom) --> uitlokkers (er zij minimaal twee daders, de intellectuele dader en de materiele dader. Bij uitlokking moeten beide daders strafbaar zijn. De intellectuele dader is degene die een ander willens en wetens uitlokt om een feit te plegen en de materiele dader is degene die uitgelokt wordt en het feit pleegt.) *Medeplichtigen Medeplichtigheid kan in principe alleen bij misdrijven. Het initiatief gaat bij medeplichtigheid altijd van een ander uit! De maximum gestelde hoofdstraf wordt bij medeplichtigheid met eenderde verminderd. Bij medeplichtigheid is de verdachte strafbaar als hij of ondersteuningshandelingen of voorbereidings-handelingen verricht. Het gaat er bij medeplichtigheid juist om dat de medeplichtige geen uitvoeringshandelingen mag verrichten. Naar boven Strafuitsluitingsgronden
Twee strafbepalingen: Eendaadse samenloop - de strafbare gedraging kan dan onder de werking van meer dan een artikel worden ondergebracht. Slechts een van deze bepalingen wordt toegepast, bij verschil die waarbij de zwaarste hoofdstraf is gesteld. Twee strafbepalingen: Als een strafbaar feit onder een algemene strafbepaling valt, maar voor het feit is ook een bijzondere strafbepaling geschreven dan gaat de bijzondere strafbepaling voor de algemene strafbepaling. Jeugdige personen 00-12 jaar Deze groep kan niet vervolgd worden. Het instellen van een opsporingsonderzoek is wel mogelijk. 12-18 jaar Deze groep valt onder het jeugdstrafrecht. Naar boven Verdachte Als verdachte wordt voordat de vervolging is aangevangen, aangemerkt degene te wiens aanzien uit feiten of omstandigheden een redelijk vermoeden van schuld aan enig strafbaar feit voortvloeit. Daarna wordt als verdachte aangemerkt degene tegen wie de vervolging is gericht. De verdachte is de belangrijkste persoon in het Wetboek van Strafvordering. Factoren die een redelijk schuldvermoeden bepalen zijn de:
Opsporingsbevoegdheden kunnen alleen worden toegepast als er een redelijk vermoeden bestaat dat een strafbaar feit gepleegd is of wordt gepleegd (redelijke verdenking of een concrete verdenking). Toezichtsbevoegdheden (Algemene wet bestuursrecht) dit zijn alle bevoegdheden van iemand die als toezichthouder voor een bepaalde wet is aangewezen (tot 1-1-1998 controlebevoegdheden). Dit is nog de fase waarin nog niets aan de hand is (geen verdenking). Wetmatig en rechtmatig Als een opsporingsambtenaar een artikel kan aanwijzen waarop zijn optreden berustte dan is zijn optreden wetmatig. Als zijn optreden voldoet aan de zogenaamde beginselen van een behoorlijke procesorde dan is zijn optreden ook rechtmatig. De volgende beginselen zijn van belang voor een rechtmatig optreden (behoorlijke procesorde):
Naar boven Medewerking door verdachte De verdachte moet toelaten dat de opsporingsambtenaar zijn bevoegdheden uitoefent. Men noemt dit de zogenaamde gedoogplicht. Verzet hij zich hierbij met geweld dan zal hij zich schuldig maken aan het misdrijf wederspannigheid. Vrijwilligheid Eisen voor de vrijwillige medewerking zijn: => de toestemming moet blijken. => betrokkene moet zich bewust zijn dat hij van bepaalde rechten afziet. => de toestemming moet in vrijheid zijn gegeven. Voortgezette toepassing Treft de opsporingsambtenaar bij een rechtmatig ingestelde bevoegdheid toevallig (en ongezocht) ander bewijsmateriaal aan, dan is ook dat rechtmatig aangetroffen (Geweerarrest). Ambtsdwang en wederspannigheid Als een ambtenaar door geweld of bedreiging wordt gedwongen tot het volvoeren van een ambtsverrichting of het nalaten van een rechtmatige ambtsverrichting en de ambtenaar is niet met het uitoefenen van een bevoegdheid bezig (inactief of lijdelijk) dan is er sprake van ambtsdwang. Als hij wel bezig is met het rechtmatig uitoefenen van een bevoegdheid en wordt er dan tegen de persoon van de ambtenaar geweld gebruikt dan is de dader strafbaar voor het misdrijf wederspannigheid (opzetmisdrijf). Ook burgers die krachtens een wettelijke verplichting of op verzoek van de ambtenaar bijstand verlenen vallen onder de bescherming van het misdrijf wederspannigheid. Verzet tegen een ambtenaar die een onrechtmatige ambtshandeling verricht is niet strafbaar. Ook lijdelijk verzet is niet strafbaar, de verdachte hoeft namelijk aan zijn onderzoek niet mee te werken. Beletten, belemmeren en verijdelen - verzet tegen ambtenaar Het is verboden om een ambtenaar die een wettelijk voorschrift uitvoert, daarin te beletten (de ambtshandeling wordt voorkomen of onmogelijk gemaakt), te belemmeren (de ambtshandeling wordt bemoeilijkt, zonder dat deze onmogelijk wordt gemaakt) of deze handelingen te verijdelen (de ambtshandeling wordt krachteloos gemaakt). Hierbij moet de handeling zijn ondernomen ter uitvoering van een wettelijk voorschrift. Naar boven Belediging Eenvoudige belediging is het opzettelijk aanranden (aantasten of krenken) van iemands eer of goede naam. Deze misdrijven zijn absolute klachtsmisdrijven. Een uitzondering hierop is de belediging van een ambtenaar in functie gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening, dit is namelijk een zogenaamd ambtshalve vervolgbaar delict. Staande houden Iedere opsporingsambtenaar (hij moet wel met de opsporing van dat strafbare feit zijn belast) is bevoegd om een verdachte staande te houden. Staande houden wil zeggen kort ter plaatse houden, wanneer de verdachte zich tracht te verwijderen kan de opsporingsambtenaar hem tot staande blijven dwingen. De verdachte is niet verplicht om op de gestelde identiteitsvragen antwoord te geven. Onder een aantal voorwaarden mag de opsporingsambtenaar de verdachte aan de kleding onderzoeken en ook zijn bagage om zijn identiteit vast te stellen. Als dat geen succes oplevert kan hij de verdachte aanhouden en voorgeleiden aan de (hulp)officier van justitie, mits de verdachte op heterdaad is betrapt, of wordt verdacht van een feit waarop voorlopige hechtenis is toegelaten. Weigering is niet strafbaar. Het opgeven van verkeerde identiteitsgegevens is wel strafbaar. In officiele stukken, zoals het proces-verbaal van een buitengewoon opsporingsambtenaar, moet de gehuwde vrouw met haar eigen naam worden vermeld. Een minderjarige moet v.w.b. de woonplaats de wettelijke vertegenwoordiger volgen. Een getuige mag niet worden staande gehouden. Aanhouden De Grondwet schrijft voor dat buiten de gevallen bij of krachtens de wet bepaalt niemand zijn vrijheid mag worden ontnomen. Het principe hiervan is dat e.e.a. alleen is toegestaan als een rechter het bevel hiervoor heeft gegeven. Aanhouden bij ontdekking op heterdaad Een ieder (opsporingsambtenaar en burger) die een strafbaar feit op heterdaad ontdekt heeft de bevoegdheid om de verdachte aan te houden. Dit geldt zowel voor ontdekking op heterdaad van een misdrijf als van een overtreding. Uit een uitspraak van de Hoge Raad blijkt dat heterdaad zich uitstrekt over een periode van bijna 30 uren. Aanhouden bij ontdekking buiten heterdaad Opsporingsambtenaren mogen dit uitsluitend doen als het optreden van de officier van justitie of de hulpofficier van justitie niet kan worden afgewacht. Naar boven Binnentreden ter aanhouding van een verdachte:
** Opsporingsambtenaren mogen dit alleen doen als optreden van de (hulp)officier van justitie niet kan worden afgewacht. *** Artikel 12 AWB betreft enkele plaatsen met een bijzondere bescherming t.w.:
Ophouden voor verhoor De verdachte mag voor het (eerste) verhoor niet langer dan 6 uren worden opgehouden, met dien verstande dat de uren tussen 24.00 uur (=middernacht) en 09.00 uur niet worden meegerekend. De termijn van het ophouden voor verhoor begint op het ogenblik dat h(ovj) beveelt dat de verdachte wordt opgehouden voor onderzoek. Als de eerste termijn van maximaal 6 uren ontoereikend is voor het vaststellen van de identiteit van de verdachte dan kan deze gedurende ten hoogste 6 uren worden opgehouden op bevel van de (hulp)officier van justitie. De verdachte kan alleen worden opgehouden ter identificatie als hij verdacht wordt van een strafbaar feit waarop geen voorlopige hechtenis is toegelaten (is dit wel toegelaten dan is dit dwangmiddel overbodig). Rechten verdachte bij het verhoor --> Niet tot antwoorden verplicht/zwijgrecht/cautie. --> Bijstand van een raadsman. --> Kennisneming van bepaalde processtukken. Bijstand van een raadsman Ingevolge de bepaling van artikel 50 WvS heeft de raadsman: a) vrije toegang tot de verdachte, die rechtens zijn vrijheid is ontnomen; b) het recht hem alleen te spreken; c) het recht brieven met hem te wisselen, zonder dat van de inhoud daarvan door anderen wordt kennis genomen. Dit verkeer is aan drie beperkingen onderworpen: 1. het geschiedt onder het vereiste toezicht; 2. met inachtneming van de huishoudelijke reglementen van de instelling; 3. het onderzoek mag daardoor niet worden opgehouden. Fouillering =>Ter inbeslagneming van voorwerpen ook wel strafvorderlijke fouillering genoemd.
Dit onderzoek moet in de eerste plaats de
waarheidsvinding tot doel hebben.
Naar boven
Onttrekking is een maatregel die de strafrechter oplegt teneinde de samenleving te beveiligen of de toegebrachte schade weg te nemen. Bij inbeslagneming bij ontdekking op heterdaad kunnen opsporingsambtenaren en burgers voor inbeslagneming vatbare voorwerpen die de verdachte met zich voert op elke plaats (dit zijn alle besloten plaatsen, waaronder ook, onder bepaalde voorwaarden, de woning) in beslag nemen. Een burger is niet bevoegd om ter inbeslagneming bij ontdekking op heterdaad een woning te betreden. Naar boven Het betreden van plaatsen In beginsel is ieder lid van de huishouding gerechtigd de toegang tot de woning aan derden te ontzeggen. Daarbij is het niet van belang of deze bewoner meerderjarig of minderjarig is. Het verbod prevaleert boven de toestemming om een woning te betreden. Een loge en een niet-inwonende huishoudelijke hulp zijn geen bewoners, omdat van hen niet gezegd kan worden dat zij de woning in gebruik hebbenom daar hun prive huiselijk leven te leiden. Het zou wel kunnen zijn dat zij optreden als vertegenwoordiger van de bewoner en dat de opsporingsambtenaar met hun weigering rekening moet houden. Op grond van art 1, lid 1 van de AWB is de opsporingsambtenaar voor het binnentreden van woningen verplicht zich voorafgaand te legitimeren en mededeling te doen van het doel van zijn binnentreden. Als een opsporingsambtenaar een woning, zonder toestemming van de bewoner wil betreden, dient hij in het bezit te zijn van een schriftelijke machtiging. Rechters, rechterlijke colleges, leden van het openbaar ministerie en Burgemeesters en soms een Gerechtsdeurwaarder zijn bevoegd om zonder machtiging in een woning, zonder toestemming van de bewoner, binnen te treden. In noodsituaties is het de opsporings-ambtenaar toegestaan een woning te betreden zonder toestemming van de bewoner en zonder schriftelijke machtiging. Zijn binnentreden is dan geoorloofd op grond van een beroep op overmacht en/of noodweer. Pas op: De bevoegdheid om woningen te betreden zonder toestemming van de bewoner is niet te vinden in de Algemene wet op het binnentreden. Als in een andere wet deze bevoegdheid wordt verleend, dan geeft de Algemene wet op het binnentreden de voorwaarden aan waaraan voldaan moet worden. Naar boven Personen die bevoegd zijn om een machtiging af te geven Degenen die bevoegd zijn om een machtiging af te geven zijn de: -- procureur-generaal bij het gerechtshof; -- officier van justitie; -- hulpofficier van justitie. De burgemeester van een gemeente is bevoegd voor niet-strafrechtelijke doeleinden een machtiging af te geven, zoals bijvoorbeeld in het geval een psychiatrisch patient in een ziekenhuis moet worden opgenomen. De geldigheidsduur van deze machtiging is 3 volle dagen (= tot 24.00 uur) Proces-verbaal Discretionaire bevoegdheid De beslissingsvrijheid van de individuele opsporingsambtenaar om na het constateren van een strafbaar feit te beslissen om wel of geen proces-verbaal op te maken noemt men ook wel discretionaire bevoegdheid. Doel van het proces-verbaal 1. Ovj het mogelijk maken om ter zake een gepleegd strafbaar feit een vervolging in te stellen. 2. De rechter het mogelijk maken een beslissing te nemen omtrent de strafbaarheid van de verdachte(n). Het
strafbare feit |
Op deze site tref je info over de volgende onderwerpen aan: animated gif's, Henk's javascripts, Henk's website Haaksbergen, Handige links, Spelregels klootschieten, Uittreksel BOA leerstof, Standaard bestands locaties Office veranderen, Tweaks, tips en trucs Windows 7, Tips en trucs voor Windows XP, Word, HTML geintjes, Orgasme test......, Leuke spelletjes, Laserbehandeling van mijn ogen, Partner links, Yamaha XT 600, Starthulp voor de auto, Info Renault Clio 2.0 16V Dynamique S, Onderhoud over .... Clio resetten, Onderhoud over .... Megane resetten, Onderhoud over .... Astra resetten, Onze vakantiereizen en gereden routes, Onze vakanties en de gereden routes 2004 - 1992, Campinggidsen, Fietsroute rond Haaksbergen, Het weer in Haaksbergen, Lijstje niet vergeten mee te nemen, Caravan rijden, Controlepunten caravan rijden, Verkeersbureaus in Europa, Informatie over Curacao, Info Brazilie, Bezienswaardigheden in Londen, Bezienswaardigheden en info Cuba, Bezienswaardigheden in Rome, Bezienswaardigheden in Tenerife, Bezienswaardigheden in Zuid-Spanje, Bezienswaardigheden in de Algarve Portugal, Info Thailand, Reisverslag Thailand, Fotos rondreis Thailand, E-mail, Sitemap, Gezichtsbedrog 1, Gezichtsbedrog 2, Gezichtsbedrog 3, Gezichtsbedrog 4, Gezichtsbedrog 5, Gezichtsbedrog 6, Gezichtsbedrog 7, Gezichtsbedrog 8, Gezichtsbedrog 9, Gezichtsbedrog 10, Gezichtsbedrog 11, Gezichtsbedrog 12, Gezichtsbedrog 13, Gezichtsbedrog 14, Gezichtsbedrog 15, Gezichtsbedrog 16, Gezichtsbedrog 17, Gezichtsbedrog 18.